Dokters die deze aandoening opereren

Elleboog Prothese

 

Beschrijving

Het elleboog gewricht bestaat uit drie beenderige elementen die normaal bedekt zijn met kraakbeen (het humerus uiteinde of uiteinde van de bovenarm, de radiuskop en het begin van de ulna of olecranon). Deze structuren kunnen onderhevig zijn aan slijtage processen (arthrose, arthritis, reuma, hemofilie). Sommige aandoeningen tasten zowel de gewrichten als spieren, zenuwen en organen aan. Bij een dergelijk slijtageproces wordt het gewrichtskraakbeen vernietigd. Dit gaat gepaard met pijn, verstijving, functieverlies en invaliditeit. Het kraakbeenoppervlak van de elleboog kan eveneens acuut beschadigd worden en onmogelijk worden hersteld ten gevolge van een verbrijzeling van de radiuskop of verbrijzeling van het humerus uiteinde. Deze breuken kunnen aanleiding geven tot veel pijn, verstijving, functieverlies en invaliditeit indien deze niet optimaal hersteld worden. De nervus ulnaris of elleboog zenuw is meestal ook betrokken bij al deze aandoeningen (ongeval of slijtage) en kan zorgen voor tintelingen en voosheid ter hoogte van de pink en de ringvinger en soms gepaard gaan met krachtsvermindering in de hand en vingers. Een elleboog prothese kan bij dergelijke aandoeningen geïndiceerd zijn. Er bestaan verschillende soorten elleboog prothesen die gebruikt kunnen worden alnaargelang de aandoening, de ernst en de toestand van de patiënt. Zo kan een radiuskop prothese geplaatst worden bij een patiënt met een verbrijzelde radiuskop na een ongeval. Bij slijtage processen en/of reuma en arthritis kan het noodzakelijk zijn om (een deel van) het gewricht te vervangen door een prothese. Weerom bestaan hier verschillende soorten en typen. De arts bepaalt welke soort prothese uiteindelijk zal geïmplanteerd worden, in functie van de toestand van de patiënt, ziekte proces, ernst van kraakbeen destructie en gewrichtsaantasting.


 
Klachten

Arthrose en slijtage van het gewrichtskraakbeen gaan gepaard met pijn, zwelling, krachtsverlies, functieverlies en invaliditeit van het aangetaste lidmaat. Deze klachten kunnen gepaard gaan met tintelingen, voosheid en krachtsverlies in de hand wanneer de elleboog zenuw betrokken is in het ziekte proces.

 
Onderzoek

De arts zal het lidmaat grondig onderzoeken op een zwelling, afwijkende stand, drukpijn, tintelingen en voosheid. Hij zal tevens de beweeglijkheid van de elleboog vaststellen. Dit onderzoek wordt meestal aangevuld met een standaard röntgen opname. Om de ernst van de gewrichtsaantasting verder te investigeren kan een CT, magnetische scan, en dergelijke worden voorgesteld. Een standaard bloedafname is eveneens nodig om reuma en andere ontstekingsfactoren na te kijken en een infectie uit te sluiten. Indien er sprake is van tintelingen en voosheid kan een EMG naald onderzoek de elleboog zenuw evalueren en zien hoever deze is aangetast.

 
Therapie

De bedoeling van de behandeling is om het ellebooggewricht zo snel mogelijk weer functioneel te maken en zo weinig mogelijk te immobiliseren (gips). Bij slijtage processen (arthrose, arthritis en reuma) zal in eerste instantie getracht worden om dit ziekte proces onder controle te krijgen door middel van rust, werkaanpassing, ergonomie, medicatie en kine. Dergelijke behandeling wordt soms multidisciplinair aangepakt. Bij falen van een conservatief beleid en bij toenemende klachten moet een operatieve ingreep worden overwogen.

 
Ingreep

Bij een falende conservatieve therapie, kan een operatieve ingreep helpen. We onderscheiden twee grote groepen van ingrepen. De eerste omvat enkel het wegnemen van de beschadigde gewrichtoppervlakken (arthroplastiek). Deze ingreep kan overwogen worden bij zeer jonge patiënten of bij patiënten waar een prothese onmogelijk geplaatst kan worden. De tweede groep van ingrepen bestaat eveneens uit het wegnemen van de beschadigde gewrichtsoppervlakken en deze te vervangen door een prothese. Er bestaan verschillende soorten en typen. Alnaargelang de aandoening, de locale toestand van de elleboog, de patiënt, een fractuur, ... kan een bepaald type van prothese geplaatst worden.

 
Complicaties

Alle chirurgische ingrepen kunnen gepaard gaan met infecties of wondproblemen. Deze komen gelukkig zelden voor. Indien geopteerd wordt om het gewricht niet te vervangen, kan de elleboog instabiel en/of pijnlijk zijn. Indien een prothese werd geplaatst, kan deze los komen, ontsteken en in sommige gevallen een instabiliteit vertonen. In extremis kan dit leiden tot een ontwrichting. Soms kan de prothese betrokken zijn in een infectieus proces (bacterie). In zeer zeldzame gevallen kan een prothese breken als deze te zwaar belast wordt. Gelukkig komen dergelijke complicaties niet frequent voor. De elleboog vertoont soms een verminderde beweeglijkheid, die meestal gelukkig niet al te veel hindert. Een irritatie van de elleboogzenuw (nervus ulnaris) kan soms tijdelijke -en in mindere mate definitieve- hinder geven.

 
Revalidatie

Na de ingreep volgt meestal een zeer langdurige revalidatie. Deze bestaat uit voorzichtig oefenen met of zonder kinesitherapie. Regelmatig zal de patiënt teruggezien worden door de arts en zal de elleboog onderworpen worden aan een radiologisch routine onderzoek. De elleboog mag gedurende de eerste drie maanden niet meer dan 0,5 kg belast worden. Uiteindelijk mag de patiënt niet meer dan 1 kg repetitief belasten en geen gewichten optillen boven de 5 kg. Werkhervatting is mogelijk indien de patiënt voldoet aan voorgaande regels. Dus, sporten en handenarbeid dienen zeer voorzichtig verricht te worden, liefst na consult van een arts.