Anatomie van de rug


Klachten van de rug komen zeer frequent voor. Men gaat er van uit dat driekwart van de mensen wel eens in zijn of haar leven gedurende enige tijd last heeft gehad van pijn in de rug. Meestal betreft dit pijn laag in de rug. Rugpijn is een zeer beladen klacht, aangezien bekend is dat rugproblemen voor een groot deel verantwoordelijk zijn voor langdurige arbeidsongeschiktheid. En dan ook een groot deel uitmaken van het geld dat uitgekeerd moet worden in het kader van de ziektewet en WAO. Toch zal slechts bij een heel klein deel van de mensen met rugklachten deze klachten uiteindelijk chronisch worden.

•Anatomie
Hoe ziet nu een rug eruit? De rug is opgebouwd uit een 7-tal nekwervels, 12 borstwervels, 5 lendewervels, 5 heiligbeenwervels en een staart. Al deze wervels zijn volgens een zelfde basispatroon opgebouwd (zie figuur).

Er is een wervellichaam waaraan een wervelboog vastzit. Aan deze boog zijn uitsteeksels bevestigd met daaraan gewrichtjes.

De wervellichamen zijn op elkaar gestapeld.

Tussen twee wervels zit de tussenwervelschijf of discus. De wervelbogen vormen met elkaar een buis waarin het ruggemerg verloopt.

Tussen elke twee wervels komt ter weerszijden een zenuw uit het ruggemerg te voorschijn. Deze zenuwen gaan dan naar de armen of de benen en zorgen voor de beweging en het gevoel.

Een van de belangrijkste structuren in de rug is wel de tussenwervelschijf.

Centraal hierin zit een kern (nucleus) welke bestaat uit een gelatineuze massa.

Deze kern wordt omgeven door een sterke bindweefsel ring, die aan de beide wervels zit vast gegroeid..

De gelatineuze kern probeert continu water op te zuigen en zal daarmee dus opzwellen. Dit opzwellen wordt echter tegengewerkt door de bindweefselring en boven en onder de aangrenzende wervel. Hiermee ontstaat een schokbrekerwerking. (vergelijk een opgeblazen ballon in een doosje waarop je probeert te duwen).

Naarmate we ouder worden vermindert het vermogen van de tussenwervelschijf om water op te nemen. Ook wordt het bindweefsel langzaam minder elastisch.

Dit proces noemen we degeneratie en treedt dus bij eenieder op.

Als gevolg hiervan wordt de discus smaller, en neemt de schokbreker functie af.